In deze indringende roman schetst Esmée de Roudtke de complexe relatie tussen een moeder en dochter. De moeder groeit op met ernstige rugproblemen en ligt als kind wekenlang plat in het ziekenhuis. Die beklemmende jeugd laat diepe sporen na ook thuis, waar zorg, controle en emotionele onmacht hand in hand gaan.
De dochter raakt op haar beurt verstrikt in ongezonde vriendschappen. De afstand tot haar moeder groeit langzaam. Zonder duidelijk moment glijdt de relatie richting een onvermijdelijke breuk.
De stijl is eerlijk en onverbloemd, de sfeer intens. Ondanks het zware thema leest het boek als een pageturner: schrijnend, maar meeslepend tot het eind.

















Geef een reactie